Drunk in Paris

Ik zit heerlijk op een Parijs terras te genieten van de namiddagzon, een jus de tomate op het typisch kleine ronde tafeltje voor me, en een spannend boek in de hand. Naast me zit een man van middelbare leeftijd. Hij heeft zijn jasje uitgetrokken en zit in een wit hemd met opgesloopte mouwen en zwarte brede bretellen eroverheen een boek te lezen. Zijn boek heeft een mooie felrode stoffen kaft. Precies zoals de boeken die mijn grootouders hadden, als kind was ik steeds geneigd om die boeken te aaien, ze waren zo zacht en tegelijk zo stevig. Ik kan de titel ervan niet zien, maar ik zie wel dat op de allerlaatste pagina van zijn boek een landkaart is getekend.
Iets verderop zitten twee dames druk te converseren in het Frans. Ze zijn vandaag heerlijk geslaagd in het winkelen, getuige hiervan zijn de vele tasjes die nonchalant naast het bistrotafeltje op de grond staan.
Af en toe wordt een van de tasjes opengemaakt en wordt de koopwaar geshowd en bewonderd.
Voor ons springen de verkeerslichten heel geduldig van groen naar oranje en rood en weer naar groen.

20120403-104819.jpg

Op een onverwacht moment stuiven de beide dames die gewinkeld hebben op van hun stoel, nemen hun drankjes in de hand en mompelen iets in de trant van: ‘Ik heb geen zin in een ontploffende auto voor mijn neus’ en ze komen vlakbij me om het hoekje zitten. Ik kijk even verschrikt om en zie voor de verkeerslichten een oude Peugeot staan waar enorm veel rook uit de motorkap vandaan komt. In een mum van tijd hangt het terras in een walm van stinkende witte rook. Uit de auto stapt een jong ding op heeeel hoge hakken, ze proest het zowat uit en begint als een gek op de motorkap te slaan. Haar vriendin stapt nu ook uit, op al even hoge hakken, ze gieren het uit, lachen en roepen, staan onvast op hun benen en beginnen als twee wilde, losgeslagen wildebrassen tegen die auto aan te schoppen.
Na dit vertoon stappen ze weer in, van de auto kan je op dit moment even niks meer zien, zo dik hangt de rook errond. ‘Die zullen toch niet …?‘ denk ik met afschuw, maar inderdaad, de bestuurster probeert de auto weer aan de praat te krijgen. Ik zie niks, maar hoor hoe de moter tegensputtert, knalt en kreunt en uiteindelijk radeloos, moegetergd toch start.
Met gierende banden rijden ze door, door het rode licht, met een snelheid die veruit asociaal is te noemen, over een verhoogde wegberm, waardoor de onderkant van de wagen snerpend over het asfalt krast…. Arme auto denk ik dan. Je zal maar op een dergelijke manier mishandeld worden als je je laatste zucht nabij bent.
De terrasjesmensen, waaronder ikzelf, blijven met afschuw en onbegrip achter, omgeven door een wit stinkende rookwolk die uiteindelijk langzaam optrekt.
De man naast me mompelt boven zijn boek: ‘insane
Hij draait zich naar me om en zegt: ‘I think they were drunk, don’t you?’ Ik bevestig dat ik eigenlijk niet kan geloven wat ik net heb gezien. ‘There were flames in that car, they must have been drunk’ herhaalt hij, alsof hij voor zichzelf een reden wil om dit gedrag te verklaren. Hij draait zich weer langzaam om, voorziet zijn sigaar van een vers vlammetje (die was gedoofd want als zich zoiets voor je neus afspeelt vergeet je vanzelfsprekend die sigaar in gang te houden) en neemt gelaten weer zijn boek ter hand.
Ook ik neem opnieuw mijn boek en bestel een tweede jus de tomate.
Waar was ik gebleven?

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s